le’at, le’at Jeanien

le’at, le’at Jeanien

woensdag, februari 22nd, 2017


20 juli was het eindelijk zover. Om 4 uur in de ochtend stond ik met een slaperig hoofd, een gezonde dosis spanning en wat nerveusheid op het nog rustige Schiphol. Nog even, en ik zou twee andere meiden ontmoeten die ook naar Aleh gaan. Nog even.. en ik zou voor het eerst gaan vliegen, voor het eerst buiten de grenzen van Europa gaan, voor het eerst naar het Beloofde Land gaan waar ik al zoveel prachtige verhalen van gehoord heb. Nog even.. dan zou het avontuur gaan beginnen en zou ik de onbekende tijd tegemoet gaan, ver bij familie en vrienden vandaan….

De reis naar Israël toe verliep zonder problemen. Eenmaal in Israël aangekomen viel het temperatuurverschil als eerste op. De warmte sloot als een warme deken om je heen. Moe van het reizen kwamen we aan bij het huisje waar we zouden verblijven in de moshav Maslul waar we de andere vrijwilligers ontmoetten.

Op vrijdag – in Israël weekend – was mijn eerste werkdag in bait shmone (huisje 8) En ja, dat was best even wennen. Lang niet al het personeel spreekt er Engels, wat het communiceren tot een grote uitdaging maakte. Maar met handen en voeten kun je heel wat duidelijk maken heb ik gemerkt. Ook ga je na verloop van tijd woorden herkennen of leren wat helpt in de communicatie.

“Le’at, le’at” (langzaam, langzaam) werd de eerste dagen veel tegen ons gezegd. Eerst kijken hoe een dag verloopt, en dan pas meehelpen. Stilzitten is echter niets voor mij en dus wilde ik al gelijk meehelpen. Dat dat niet helemaal goed ging bleek toen ik een bewoner weer vrolijk naar het huisje terugbracht na het snoezelen in plaats van dat ik haar op de tazoeka (dagbesteding) bracht…

’s Ochtends, als het personeel nog bezig was met het wassen en aankleden van de bewoners, was het fijn om met de bewoners die al klaar waren een rondje over het terrein te lopen. Heerlijk genietend van de zon die langzaam zijn warmte liet voelen. Even naar de speeltuin toe of ontspannen bij de watertuin waar je helemaal tot rust kwam met op de achtergrond het geluid van het stromende water.

Veel meer mensen zouden zo’n vakantie moeten doen, het is echt aan te raden!

Er waren momenten bij die je niet vergeet. Zo ook het moment dat de vader van één van de bewoners zijn dochter kwam bezoeken. Ze is blind en zag haar vader niet aankomen. Slechts 1 keer heb ik haar horen praten, dat was deze ochtend. Haar vader zei haar naam waarop ze “abba” (vader) antwoorde. Een woord wat zo teer door haar werd uitgesproken, waarin de volste liefde en zoveel vertrouwen weerklonk dat het me echt raakte.

De mensen in Israël zijn ontzettend gastvrij, zo bleek elke keer weer. Mooie contacten zijn er ontstaan in de periode dat we er waren. We hebben zelfs nog, toen we ergens op bezoek waren, beschuit met hagelslag gegeten. Dat smaakte heerlijk Hollands J.

Geen seconde heb ik spijt gehad dat ik naar Israël ben geweest. Het land is zo ontzettend prachtig, je raakt er niet uitgekeken. En de organisatie Aleh, dat is de plaats waar je jezelf mag zijn. De plaats waar religie, cultuur en taal samenkomt. Joden, moslims, bedoeïenen, christenen… Iedereen werkt er met elkaar samen. Het maakt er niet uit welk geloof je hebt of uit welk land je komt. Het is de plaats waar iedereen wordt gerespecteerd. De plaats waar iedereen vanuit dezelfde missie werkt: met een warm hart zorg dragen voor onze medemensen met een ernstige meervoudige beperking.

Dagelijks denk ik nog terug aan de mooie tijd die ik in Israël gehad heb. De herinneringen blijven voortbestaan in mijn hart. Net als de wijze lessen die ik door de periode in Israël geleerd heb: als ik merk dat ik het druk heb met van alles en nog wat denk ik: “le’at, le’at Jeanien”. Alles op z’n tijd.